“Mijn lingerie is sexy, eerlijk én lokaal”

“Mijn lingerie is sexy, eerlijk én lokaal”

KVLV Vrouwen met Vaart
geschreven door KVLV Vrouwen met Vaartlaatst aangepast op 30/03/2017
Print Friendly and PDF
Zo doorzichtig als haar beha’s zijn, zo transparant is ontwerpster Murielle Scherre naar haar klanten toe. Met gedrevenheid en kennis van zaken vertelt ze ons over haar lingeriemerk La fille d’O, volledig in Belgische ateliers geproduceerd en doordrenkt met passie voor het vak én het vrouwenlichaam.
© Artifix! - lafilledo.com

Als 24-jarige verkocht Murielle Scherre (39) eerst haar lingerieontwerpen in haar living. Toen die te klein werd voor al dat bloot, werd het tijd voor een echte winkel. Het pand in de Burgstraat in Gent is nog steeds het creatieve en zakelijke hart van haar merk. En het gaat goed, want de ontwerpster opende in 2016 ook een winkel in Antwerpen. Zopas heeft ze haar collectie ook uitgebreid met een kledinglijn, waarvoor ze de technieken en vakkennis over de hele wereld is gaan zoeken. Hoewel haar label La fille d’O wordt gedragen door sterren als Rihanna en Lady Gaga en wereldwijd verdeeld, is het niet evident om in België een eerlijk en lokaal product in de markt te zetten. Ethisch produceren heeft een keerzijde: haar personeel krijgt een normaal loon, maar zichzelf betaalt ze een minimumloon uit.

Ik vind het een fijne gedachte dat iedereen in het productieproces dezelfde levenskwaliteit heeft als ik.

Had je vanaf de start van je label de bedoeling om ethisch en lokaal te werken?

“Nee, eigenlijk is dat toevallig gekomen. Het was veertien jaar geleden niet mijn ambitie om een ethisch bedrijf op te zetten, maar toen de mogelijkheden zich aanboden, was het een evidentie. Het is wel een beetje zoeken geweest naar lokale leveranciers. Maar als je wat verder kijkt dan de fabrieken in China of Italië, vind je ze wel. Ik heb uiteindelijk in Vlaanderen ateliers met de nodige knowhow gevonden. Mijn atelier in Wevelgem maakt en snijdt de patronen, stiksters in Kemmel doen de confectie en de elastische stoffen komen uit Deinze.

Die aandacht voor het lokale maak je producten wel duurzamer. Waarom kies je daarvoor?

“Ik vind het een fijne gedachte dat iedereen in het productieproces dezelfde levenskwaliteit heeft als ik. De werknemers krijgen een dertiende maand en ecocheques. In Bangladesh is dat niet het geval. We hebben een transparant productieproces en bedrijf, iets wat veel vrouwen kunnen appreciëren. Het geeft mezelf en de klanten gemoedsrust. Bij ons betaal je meer, maar weet je dat het product eerlijk is en kwaliteitsvol. Niet zo evident trouwens. Vaak betaal je een hogere prijs, maar is dat vooral door de hoge winstmarges voor de bedrijven.”

Vind je dat onze maatschappij ons te vaak naar overconsumptie leidt?

“Absoluut. Het is heel moeilijk om aan al die commerciële valkuilen te weerstaan. Als je al die zaken niet koopt, lijk je er niet bij te horen. Dat creëert een enorme koopdrang bij de mensen. Dat is trouwens ook iets dat ik heb geleerd van mijn vader. Hij had maar drie truien: een om elke dag te dragen, een tweede voor speciale gelegenheden en een derde nog in de verpakking voor het geval er een stuck ging (lacht). Shoppen is ook zo’n sociaal gebeuren geworden, terwijl je met je vrienden ook gewoon op café kunt gaan.”

 

-Lees het volledige artikel in de januari-februari-editie van Vrouwen met vaart van de KVLV-

© Artifix! - lafilledo.com
Print Friendly and PDF